Gratis-Examenroutes.be
Terug naar blogs

Links afslaan op het praktijkexamen: voorsorteren en voorrang

· 5 min leestijd

Linksaf slaan is de afslag waar de meeste kandidaten twijfelen. Hoe je voorsorteert, tegenliggers inschat en de bocht netjes afrondt.

Kruispunt met verkeerslichten waar een wagen wacht om af te slaan

Rechts afslaan voelt bijna vanzelf. Links afslaan niet. Je kruist de rijrichting van het tegemoetkomend verkeer, je moet inschatten of er genoeg ruimte is en ondertussen blijven fietsers en voetgangers evengoed je aandacht vragen. Examinatoren zien bij een linksaf dan ook snel hoe een kandidaat denkt. Het goede nieuws: het is een vaste volgorde, en die kun je oefenen tot ze er gewoon in zit.

Waarom linksaf meer van je vraagt

Bij een rechtse afslag blijf je aan jouw kant van de weg. Bij een linkse afslag steek je de rijbaan van de tegenliggers over. Dat betekent dat je meer tegelijk in de gaten moet houden: het verkeer voor je, het verkeer achter je, wie er uit de zijstraat komt en wie er aan de overkant wil oversteken. Meer dingen tegelijk betekent ook meer kans op fouten, vooral als je zenuwachtig bent.

Sorteer op tijd voor

Voorsorteren begint ruim voor het kruispunt. Op een weg met verkeer in twee richtingen schuif je naar het midden van de rijbaan, zonder de middenlijn te overschrijden. Op een eenrichtingsstraat rij je helemaal links. Doe dat niet op het laatste moment: wie pas vlak voor het kruispunt van rijstrook verandert, verrast iedereen achter zich.

Kijk eerst in je spiegels en over je linkerschouder, geef dan richting aan en schuif rustig op. Een examinator wil zien dat je dit bewust doet, niet dat je er vlug doorheen gaat.

Richting aangeven en snelheid verlagen

Zet je knipperlicht aan voor je begint te sorteren, niet pas als je al op de juiste plaats staat. Daarna haal je je voet van het gas en rem je gelijkmatig. De snelheid waarmee je de bocht neemt, bepaal je al ruim vooraf. Wie te snel aankomt, moet op het kruispunt hard remmen, en dat valt op.

Tegenliggers hebben meestal voorrang

Wie linksaf slaat, laat tegenliggers die rechtdoor of rechtsaf rijden eerst voorbij. Dat geldt tenzij borden of verkeerslichten het anders regelen. Het geldt ook als je zelf als eerste bij het kruispunt aankomt. Het gaat dus niet om wie er eerst is, maar om wie er de weg kruist.

Daarbovenop blijven de gewone voorrangsregels gelden. Komt er verkeer van rechts waar voorrang van rechts van toepassing is, dan houd je daar eveneens rekening mee.

Wachten op een opening

Sta je klaar om af te slaan en rijdt er verkeer tegemoet, dan wacht je. Blijf netjes in het midden van de rijbaan staan, met je wielen recht. Draai je stuur nog niet naar links: word je dan van achteren aangereden, dan wordt je zo de rijbaan van de tegenliggers op geduwd.

Wacht je een tijdje, wees dan niet bang om even te blijven staan. Een examinator telt liever een lange pauze dan een onveilige opening. Je mag pas vertrekken wanneer je zeker bent dat je de weg vrij hebt en dat niemand je daarbij moet ontwijken.

Fietsers en voetgangers niet vergeten

Het gevaarlijkste moment van een linksaf is vaak niet het tegemoetkomend verkeer, maar wat je pas laat ziet. Een fietser die uit tegenovergestelde richting op een fietspad rijdt en rechtdoor gaat. Een voetganger die net op het zebrapad in de zijstraat stapt waar jij indraait. Voetgangers die oversteken in de straat waar je naartoe afslaat, hebben voorrang.

Kijk dus altijd nog een laatste keer in de richting waarin je gaat sturen, vlak voor je de bocht inzet. Vergeet ook je linkerspiegel niet voor de dode hoek, zeker als er achter je een fietser of bromfiets kan zitten die je wil voorbijsteken.

De bocht zelf

Een linkse afslag neem je ruimer dan een rechtse. Rij door tot voorbij het midden van het kruispunt voor je begint te sturen. Wie te vroeg aanzet, snijdt de bocht af en komt op de verkeerde rijstrook terecht, of rijdt recht voor een tegenligger die nog onderweg is.

Na de bocht kom je uit op de rechterkant van de nieuwe weg, op de rijstrook die voor jou bedoeld is. Controleer onderweg of je niet te ver naar links bent afgedreven. Dat gebeurt sneller dan je denkt, zeker bij een brede kruising.

Met verkeerslichten

Een groen licht betekent niet dat je zomaar kunt afslaan. Je blijft tegenliggers voorrang geven, tenzij er een aparte pijl is die je dat recht geeft. Zie je enkel een gewoon groen licht, rij dan door tot het midden van het kruispunt en wacht daar tot de weg vrij is. Is het licht ondertussen geel of rood geworden, dan mag je het kruispunt vrijmaken, voor zover dat veilig kan.

Op sommige kruispunten staat een aparte lichtenfase voor linksafslaand verkeer. Volg dan altijd het signaal van jouw rijstrook en ga niet af op wat andere weggebruikers doen.

Linksaf vanuit een voorrangsweg

Op een gewestweg of een andere weg met voorrang rijdt er vaak sneller verkeer. Je moet daar nog beter inschatten hoeveel tijd je hebt, want het tegemoetkomend verkeer legt in korte tijd veel afstand af. Neem je tijd voor het sorteren en zorg dat je vlot genoeg in de zijstraat verdwijnt, zodat de wagen achter je niet moet remmen.

Fouten die vaak voorkomen

De meest gemaakte fouten bij een linksaf zijn te laat voorsorteren, de bocht afsnijden en te weinig kijken naar fietsers en voetgangers. Ook zie je kandidaten die vertrekken terwijl een tegenligger nog dichtbij is, in de hoop dat het wel past. Dat is bijna altijd een reden om punten te verliezen, omdat de tegenligger moet remmen of uitwijken.

Een andere klassieker is het wegrijden zonder nog eens naar links en rechts te kijken omdat je al een tijd stilstaat. Controleer opnieuw voor je vertrekt.

Zo oefen je het

Zoek in je eigen buurt een paar verschillende linkse afslagen: een rustige zijstraat, een kruispunt met verkeerslichten en een druk kruispunt op een gewestweg. Rij ze meerdere keren met je begeleider en laat die letten op drie dingen: wanneer je voorsorteert, hoe ver je doorrijdt voor je stuurt en of je voetgangers en fietsers opmerkt. Bespreek na afloop wat je ervan vond, niet tijdens de afslag zelf.

Bekijk ook de oefenroutes bij je examencentrum. Op elke pagina staat hoeveel linkse afslagen er op de route zitten en in welke straten ze liggen. Zo weet je op voorhand waar je extra moet opletten, en oefen je net die kruispunten die het meest voorkomen.

Meer artikelen